The Day After The Evening BeforeRoodkapje werd met een verlicht gemoed wakker van Doornroosje die de koffiekan van Roodkapjes bureau viste... Ze realiseerde zich namelijk dat ze tot en met september sowieso geen statistiek meer hoefde te doen.

Het tentamen statistiek had ze namelijk de avond ervoor afgelegd. Er was niks meer aan te doen, het wachten was alleen op het cijfer. Ze had bergen sommetjes geoefend, alle practica opnieuw overgedaan, alle sheet minitieus bekeken, samenvattingen gemaakt en doorgeploegd totdat ze niet meer wist wat ze nog meer moest leren. Toen was het zover: ze moest naar de tentamenhal om het tentamen te maken. Het enige wat ze nu niet moest doen, was in paniek raken...
Ze was ruim van tevoren weggegaan en de lucht zag er dreigend uit alsof elk moment een enorme onweersbui kon losbarsten.

Toen ze eenmaal zat flipte ze. Het enige waaraan ze dacht was dat ze niks meer wist, ze dacht niet meer helder na en het huilen stond haar nader dan het lachen. Voor de vierde keer het tentamen statistiek II. Als ze het niet haalde was de ramp bijna niet te overzien. Ze móest het halen. Ze bedacht dat ze het niet goed genoeg wist, dat ze niet genoeg gedaan had.
Het begon al lekker met vraag 1, die ging over een plaatje met twee lijntjes waarvan de bovenste op het oog horizontaal liep en de lijn eronder steeg. Het waren twee factoren, A1 en A2. Op de X-as waren 3 factoren uitgezet, B1, B2 en B3. De vraag was over een hoofdeffect voor A was of voor B en of er een interactie-effect was. Dat er een interactie-effect was zag Roodkapje ook wel, de lijnen liepen niet evenwijdig en gingen elkaar kruisten, maar van hoofdeffecten had ze nooit iets gesnapt. Van de vier mogelijkheden vielen er sowieso al twee af. De kan op een goed antwoord was 50%. Ze gokte maar op een interactie effect, plus een hoofdeffect voor factor B.

Zo wist ze bij veel van de eerste vragen niet zeker hoe het nou precies zat. Dus sloeg de paniek alsnog toe. En Roodkapje was het zat. Zat om zich door zo'n STOM tentamen op de zenuwen te laten werken. Ze legde haar potlood neer een sloot haar ogen voor een korte toverspreuk. Als de magie het toeliet zou ze het halen, ze moest gewoon die rotsommen maken. Net doen alsof er verder niemand in de zaal zat en gewoon doorwerken.
Als antwoord kwam er een bak regen naar buiten die zich op het platte golfplaten dak van de tentamenhal stortte. Het maakte zo'n kabaal dat Roodkapje zichzelf niet meer kon horen nadenken. Dus een nieuwe toverspreuk om te vragen of de regen ook een uurtje uitgesteld kon worden. Acuut hield het op met regenen, er klonk één donderslag en het werd doodstil buiten.

Roodkapje besloot dat maar als een of ander vaag antwoord te beschouwen en begon overnieuw met haar vragen. Ergens uit de krochten van haar geheugen kwamen formules tevoorschijn en ze omcirkelde driftig de keuzeopties waarvan zij dacht dat het de juiste waren. In totaal wist ze vier van de zesendertig vragen echt niet en haar strategie was om dan altijd antwoord b te kiezen, statistisch gezien

, was dan één vraag sowieso goed gegokt. Helaas wisten de statistiekdocenten dat natuurlijk ook, dus de norm voor een zes lag vrij hoog, er was gecorrigeerd voor gokken. Maar goed, ze wist ook dingen wél. Onder meer hoe je met alleen de gegevens uit een ANOVA-tabel de adjusted-R-square van Wherry die SPSS gebruikte kon berekenen.
Je kon bij die vraag een aantal fouten maken. Ten eerste kon je alleen de ongecorrigeerde R-Square uitrekenen, en dan kwam je op alternatief a uit. Alleen werd de Adjusted gevraagd. Daar waren er twee van, en je moest die van SPSS gebruiken. Dus dan moest je weten welke SPSS gebruikt. Dus daar kon het ook fout gaan. Als je de vraag tot dusver overleefd had, kon je de verkeerde n gebruiken omdat het aantal vrijheidsgraden bij SST 38 was, n-1. N was dus niet 38 maar 39.

. Roodkapje kwam op alternatief b uit, ervanuitgaande dat SPSS de Adjusted R-Square voor modelfit van Wherry gebruikte en niet die van Stein. Maar dat wist ze vrijwel zeker.
Zo omzeilde ze wel meer valkuilen, onder meer de valkuil dat bij logistische regressie R-Square niks over de modelfit zegt, maar dat je daarvoor in een andere tabel moest kijken. De datasets die gebruikt werden in het tentamen waren die van de practica, die Roodkapje de dagen ervoor minitieus overgedaan had. En tot haar stomme verbazing merkte ze dat ze zo geconcentreerd aan het prutsen was dat ze vergat op in paniek te raken.

Ze was al bij de laatste vraag en dus had ze voor in paniek raken ook geen tijd meer.
Ze leverde alles is, en voor haar gevoel zat tussen haar tentamenopgaves ook een enorm rotsblok, want met een gemoed dat zo licht als een veertje was stapte ze parmantig de tentamenhal uit. Toen pas merkte ze hoeveel honger ze had. Ze had de hele dag van de zenuwen niks kunnen eten en de winkels waren al dicht. Roodkapje vond dat ze zichzelf wel mocht verwennen. Daarom haalde ze patat bij de locale snackbar en ging dat thuis lekker opeten.

Roodkapje at eigenlijk nooit patat en dergelijke, dus was het extra lekker.

Ze had van haar avondje vrij genoten. Maar nu moest ze weer terug naar de realiteit. Donderdag stonden er opnieuw twee tentamens op de rol.
Op hetzelfde tijdstip. Ze vond het heel knap hoe de roostercoördinator dat steeds voor elkaar kreeg: één week, vijf dagen, twee derdejaarstentamens in die week, en beide op hetzelfde tijdstip.

Ze had gevraagd of ze nu beide tentamens mocht herkansen, wat mocht. Ze kreeg in plaats van 2 uur per tentamen maar 2 uur de tijd voor 2 tentamens. Dus één uur ipv twee uur per tentamen. Ze wist dat moeilijk doen alleen maar in haar nadeel ging werken, dus slikte het maar. In ieder geval moest ze nog even flink leren, maar omdat het dom stampwerk was viel het wel mee. Een psychologiestudent hoefde niet echt iets te kunnen, een dom sponsje zijn en reproduceren wat het boek en de docenten vertelden was genoeg om het te halen. Er vroeg toch niemand of de stof begrepen werd, herhalen volstond. Soms is de universiteit namelijk net de MAVO.
