Heb ooit eens een genezingsdienst meegemaakt bij een zeer xtreem te noemen gemeente. Ik schreef er toen hetvolgende stuk over en er is nix van gelogen. Tis lang dus zie maar wat je er van lezen wil.
Ik was die avond op uitnodiging van een vriend, meegegaan, naar een genezingsdienst. Persoonlijk had ik er helemaal niet zo veel zin in, maar liet me, om van het gevraag en de smekende blik in de ogen van mijn vriend af te zijn, toch overhalen te gaan.
Om de een of andere reden, komt er altijd iets gereserveerds over me, bij dit soort diensten. We kwamen binnen in een met TL buizen verlichte ruimte en er waren al zo’n vijfhonderd mensen aanwezig. De meeste zaten al op de ietwat ongemakkelijke klapstoelen, doch sommige waren nog druk doende met koffie en thee te drinken.
Toen ik plaats nam naast een jongeman en deze vriendelijk de hand wilde schudden, gromde en siste de jongen naar me, zodat ik snel mijn hand weer terug trok. Weet ook niet wat hem mankeerde, maar wilde er verder maar geen aandacht aan schenken. Inmiddels liep de zaal bomvol en zag ik mensen in rolstoelen, op krukken en zelfs complete brancards, naar voren gereden worden.
De dienst ving aan met het staande zingen van een loflied en de jongen naast mij, stak zijn handen hoog in de lucht, terwijl hij zong over de liefde van Jezus. Ik was hoogst verbaast. Hoe kon iemand, naar zijn naaste grommen en sissen en daarna Gods liefde met opgeheven handen bezingen?
Had ik het misschien niet goed verstaan en berustte dit allemaal op een misverstand mijnerzijds?
Toen we weer zaten, besloot ik de proef op de som te nemen en sprak tot de jongen een vriendelijk woord over zijn groen colbert. Hij keek me verwoestend aan en begon onmiddellijk weer met zijn grizzlybeer imitatie, te grommen en te sissen. Het verwarde me een beetje en ik dacht er het mijne van.
Inmiddels kwam de voorganger op en ging de nu ongeveer achthonderd koppige menigte mensen staan, om een uur lang te zingen, onderwijl er voorop het podium een drietal leuke dames met lange kleurige sjaaltjes op elk lied danspasjes maakte. De expressie op hun gezicht had iets buitengewoon vrolijks en werkte aanstekelijk op je gemoed.
Na dit eerste, best wel vermoeiende uur, mochten we gaan zitten en begon de voorganger over het podium te lopen, onderwijl met luide hese stem te roepen, dat er iemand in de zaal was met rugpijn. Na enig aandringen, stond er een vrouw ergens achter ons op en liep schuifelend richting het podium. “Er deugt helemaal niets van jou”, viel de voorganger plots tegen haar uit. De vrouw deed een paar passen achteruit op deze ruwe uiting.”Neen, je moet niet weg lopen”, riep hij:”Je moet hier komen!”
Ze schuifelde naar voren en moest ergens op een of andere plaats gaan staan. Was eerlijk gezegd benieuwd hoe dit zal gaan aflopen. De voorganger liep vervolgens de zaal rond en bestede geen aandacht meer aan haar.
Ik zag hoe hij ergens bij een man in een rolstoel neerknielde en een gebed uitsprak. De man bleef in zijn rolstoel en ik kon niet precies horen wat er verder gezegd werd. ergens begon een vrouw te huilen en er ontstond een groepje medewerkers van de voorganger, om haar heen. Ze werd als een slappe marionet, heen en weer geslingerd tussen de groep, terwijl ik kon zien dat er handen op haar gelegd werden. De voorganger, maande de zaal tot het in gebed gaan, voor een wonder en overal om mij heen bogen zich hoofden. De vrouw met rugklachten stond nog steeds op dezelfde plek ergens vooraan in het spotlicht. Er was inmiddels een kwartier verlopen, nadat ze naar voren was geroepen. Ik zag haar dralen en plotseling gaan zitten op de nabije lege plaats voorin. Bijna onmiddellijk brulde de voorganger tegen haar:’” Wat heb ik je nou gezegd?”
Ik zei toch dat je op die plaats moest blijven staan? Ga terug op die plek of je ontvangt niets van God. Enkel op die plek zul je het ontvangen”
Ik zag hoe de vrouw terug strompelde naar haar plek en keek naar het gezicht van mijn vriend naast me, en ontdekte een zoete glimlach, welke rond zijn gelaat speelde.
Dacht bij mezelf, het zal je moeder of vrouw zijn, die daar zo te kijk wordt gezet. In mijn binnenste voelde ik een woede opkomen, tegen de man die de ongelukkige vrouw zo mensonterend durfde ten toon te stellen. Gek genoeg ging er van uit de zaal, totaal geen enkele afwijzing uit, naar hetgeen voor onze ogen voltrok. Ben ik nu gek of hoe zit dat, dacht ik bij mezelf?
Na tal van gebeden te hebben zien en soms ook te kunnen horen uitspreken (vaak stond de voorganger te ver weg om er iets van te kunnen verstaan) nam de dienst een wending. De zaal moest gaan staan en de voorganger liep rond onderwijl een woord richtend tot verschillende mensen.
Hij kwam onze richting uit en keek mijn vriend strak aan en riep:”God heeft je gezien broeder”.Mij negeerde hij en liet me ongemoeid. Blijkbaar zag God mij op dat ogenblik niet goed en moest je lid zijn van deze specifieke gemeente, wat mijn vriend dus was, anders zag God je niet.
Het is een lang verhaal geworden en zal zeker niet opzichzelf staan. Hoe zijn jullie ervaringen (positief of negatief) met dit soort diensten?
Ben ik de enige (zal toch niet) die wel eens van pure verbazing zijn handen ten hemel heft en het gevoel heeft dat het toch niet gekker moet worden?