quote:
kajem schreef op 07 juni 2006 om 13:05: Er wordt bestreden dat Christus in de wereld is gekomen om de relatie / contact tussen God en mens te herstellen, zodat de mens door zijn Zoon Jezus Christus, God weer kon en mocht vinden, aanvaarden tot redding van de verloren ziel. Hun uitgangspunt is dat we allemaal de genade derven, zondig zijn en feitelijk gestraft moeten worden. Slechts de genade wordt uitgedeeld aan een select groepje. dat is het, daarmee ui basta.
OP GEEN ENKELE WIJZE wordt richting gegeven aan de christelijke taak mensen te vertellen van het evangelie en dat er redding mogelijk is. Het is naar binnen gerichte prediking. Iets wat Jezus Christus ons pertinent NIET heeft opgedragen. De opdracht van Jezus de mensen het evangelie te verkondigen, ze te dopen en te leren wordt gemist. de bevestiging dat Jezus de HG als zijn plaatsvervanger op deze aarde heeft gelegd als middel om omgevormd te worden tot een nieuw leven (louterend vuur voor die Hem zoeken en geen verterend vuur). Als heilige kracht om de goede strijd te strijden en die strijd te vervolmaken. Als kracht die zich ook in deze tijd openbaart. kajem
Aangezien kajem in zijn bovenstaande quote een pinksterpreek van dominee Van Gurp afbrandt lijkt het mij goed om iets uit die preek hier neer te zetten. Dan kan de welwillende, let wel, welwillende, lezer zelf beoordelen of kajem vannacht niet ietwat 'in de bonen' is geweest en slechts een karikatuur van de minste soort neer heeft gezet.
Eerste quote:
"De heerlijkheid van God is er al in ons leven. We hebben deel aan de heerlijkheid van de HEERE. Hoe, gemeente? Dat doet de Here Jezus door zijn Heilige Geest. Door de Heilige Geest deelt Hij zijn heerlijkheid uit.
Hij heeft ervoor gebeden, u leest dat in Johannes 17, in wat we noemen het hogepriesterlijk gebed, Hij heeft ervoor gebeden, dat Hij in de zijnen zou worden verheerlijkt. Dat is, dat Hij zijn heerlijkheid zou laten zien aan de wereld in het leven van degenen die Hem door God gegeven zijn.
Want de Here Jezus Christus heeft de heerlijkheid van God van eeuwigheid, die Hij had, nu aan ons meegedeeld. Want dat heeft Hij verdiend. Pinksteren gemeente, is alleen mogelijk omdat de HEERE Jezus op Golgotha geleden heeft. Pinksteren is alleen mogelijk, omdat de Here Jezus Christus het recht moest verdienen dat Hij zijn heerlijkheid mocht uitdelen. Daarvoor moest Hij betalen met zijn bloed.
Eerst moest de schuld zijn weggedaan, eerst moest voor onze schuld zijn betaald, eerder kon God niet meer goed op ons worden. Eerst moest door de Here Jezus Christus die prijs zijn betaald met zijn kostbaar bloed, vanwege onze diepe schuld, anders is alléén Gods heerlijkheid voor ons een oordeel.
Maar de Here Jezus hééft betaald. Nu is Gods aangezicht een vriendelijk aangezicht voor ons. Het geeft vrolijkheid en licht. Nu is het zelfs zo dat de Here Jezus Christus de zijnen van de Vader ontvangt en dat nu zo zijn heerlijkheid de wereld ingedragen wordt, de heerlijkheid van Christus. We hebben, zo belijden we in de Catechismus dan ook, deel aan zijn zalving met de Heilige Geest. En daarom hebben we deel aan zijn heerlijkheid.
En daarom, Christus geeft u dat u mag naderen tot de HEERE. Christus geeft u dat Gods heerlijkheid ons niet meer hoeft te verschrikken. Christus geeft u dat de heerlijkheid van God niet langer daar, alleen maar in die tempel is. Dat was toen, in het oude testament, zo, dat was nog de enige plaats. En ging de heerlijkheid van God uit de tempel weg, wat Ezechiël heeft gezien, dan was het volk zonder God en zonder zijn heerlijkheid en de tempel maar een leeg gebouw geworden.
Maar broeders en zusters, nú is heel de wereld zijn gebied, nú is de tempel uw eigen hart, nu zijn uw lichaam en ziel tempelen van de Heilige Geest. Nú is de heerlijkheid er van God, niet alleen maar ’s zondags in de kerkdienst, maar overal waar u gaat of staat. Want de Here Jezus Christus wordt in de zijnen verheerlijkt".
Tweede quote:
"Maar wij moeten natuurlijk wel weten wat het dan wel is: wat is toch dat gedoopt worden met de Heilige Geest en met vuur?
Nu, tongen als van vuur, dat is een aanduiding van spreken, want er staat meteen dan ook in vers 4: ze begonnen met andere tongen te spreken, zoals de Geest het hun gaf uit te spreken. Dus, wat is dat, waaraan kan je het zien dat iemand vervuld is met de Heilige Geest? Waaraan kunt u het in uw eigen leven zien, dat de heerlijkheid van God in uw leven is gekomen?
Op twee manieren. In de eerste plaats door het spreken, wij zijn profeten geworden met Christus. En zoals daar die 120 gesproken hebben – het was niet alleen Petrus die sprak – zij begonnen allen te spreken en ze verkondigden de grote daden van God. Zoals het door allen toen gebeurde, gebeurt het nu nog! Ook wij verkondigen de daden van de HEERE. Profeteren is beslist niet het spreken van nieuwe openbaringen, alsof de Heilige Geest nu nog mensen zou inspireren. Profeteren is alleen het spreken uit de Bijbel, het naspreken van het geopenbaarde Woord van God. Wie zich niet aan de Schrift houdt, spreekt uit eigen hart. En dat is juist het kenmerk van valse profetie.
De Here Jezus zegt: “Die mijn naam belijden zal voor de mensen”. We moeten de naam van Christus belijden. We moeten daarin profeten zijn en de naam van Christus belijden. Dat is niet alleen roepen “Jezus is HEERE, Jezus is de Zoon van God”, maar dat moeten we uitwerken en toepassen. Dat betekent dus zeggen: de Here Jezus heeft alle macht in hemel en op aarde . Hij regeert de wereld, aan Hem moeten we gehoorzaam zijn, naar Hem moeten we ons leven inrichten, met Hem moet ik rekenen. Met Hem rekenen we als man en vrouw, in het krijgen van kinderen. Met Hem rekenen we in ons werk, in ons spreken, in onze kleding, in onze ontspanning en noemt u zelf maar op, u weet het wel. Dat is de naam van Christus belijden, ervoor uitkomen.
En vandaar dan meteen dat tweede dat eraan vastzit, je zegt het en je doet het. Immers, de Here Christus zegt: “Laat uw licht schijnen voor de mensen, opdat ze uw goede werken zien en uw Vader die in de hemelen is verheerlijken”. Twee keer in die uitspraak van Christus gaat het over heerlijkheid, over licht. Laat úw licht schijnen, zodat de mensen God verheerlijken, door uw goede werken, dat hoort erbij. We profeteren en we brengen het in praktijk.
Dat is nu van a tot z het werk van de Heilige Geest, Die ons vervult met de heerlijkheid van de HEERE. Want gemeente, dat komt niet van uzelf. Uit onszelf passen we ons aan bij de wereld, worden we wereldgelijkvormig en gaan we toch mee. De buitenwacht zegt dan: “Ja, jullie gaan toch wel mee, gereformeerden, je komt misschien twintig jaar later, maar je gaat toch wel mee”.
Zou dat waar zijn broeders en zusters? Daar moeten we ons wel op beproeven of dat waar is. Want dat zou verschrikkelijk zijn, als dat waar zou zijn, dat we toch – zij het op een afstand – meedoen met de wereld, meegaan met de trend in de wereld, die tegen Gods Woord ingaat. We hoeven geen mensen van vijftig of honderd jaar geleden te zijn wat betreft ons in de wereld verkeren. We moeten gewoon in de wereld verkeren, maar we moeten niet ván de wereld zijn. Dat blijft hetzelfde als duizend jaar geleden. De zonde haten en onszelf onbesmet bewaren van de afgoden.
Gemeente, dat is nu gewoon door de Heilige Geest met de heerlijkheid van de Vader vervuld worden. Dat is dat we veranderd worden, vernieuwd worden door de Heilige Geest, naar het beeld van Christus veranderd, bekeerd, wedergeboren, strijdend tegen de zonde, lust hebben om de HEERE te dienen, steeds weer van Gods Woord leren, de geesten beproeven of ze uit God zijn. Je leven inrichten naar het Woord van God. Dat alles is de heerlijkheid van God. De heerlijkheid van de Heilige Geest".